Het is een week geleden dat die grote ruzie in de club is geweest en ik heb Joshua niet meer gezien of gehoord. Lyn is sinds gisteravond weer thuis en we hebben vandaag afgesproken. Ik ben op mijn werk en het is behoorlijk rustig. Melanie komt naar me toe en slaat haar arm even om mij heen. Vorige week dinsdag heb ik het gesprek gehad waarin ik alles uitleg wat er allemaal is gebeurd die afgelopen dagen. Ze was erg geschrokken en vroeg of ik niet nog meer tijd vrij wilde hebben. Maar ik ben eigenlijk wel weer blij om te werken, dan heb ik tenminste afleiding. Ik stap naar buiten en help mensen die op het terras gedeelte zitten. Net als ik een bestelling wil opnemen begint het keihard te regenen. Iedereen rent naar binnen en ik wil het liefst mee rennen. Maar de parasols staan nog uit en deze moeten ingeklapt worden. Ik doe snel mijn kladblok in mijn schort en begin in de keiharde regen ze allemaal in te klappen. Als ik weer binnen kom ben ik doorweekt. Melanie kijkt me lachend aan. ‘Je weet dat je ze best open had kunnen laten staan. De bui is waarschijnlijk zo weer voorbij.’ Ik kijk haar lachend aan. ‘Daar kom je dan ook lekker laat mee!’ Zeg ik lachend. Melanie geeft me een plagend klapje op mijn schouder en loopt weg. Alle klanten hebben inmiddels een nieuwe plek binnen gevonden en gaan verder met hun ding.
Als mijn werkdag weer voorbij is pak ik mijn fiets en ga ik richting mijn eigen huis. Ik heb besloten om weer in mijn eigen huis te gaan slapen. Ik kan tenslotte moeilijk bij Steven blijven slapen, hoe gezellig ik het ook vind! Ik plaats mijn fiets in de achtertuin en ik ben hier al een week niet meer geweest. Ik open de deur en het voelt raar om hier te zijn. Als ik naar de voordeur loop zie ik allemaal post op de deurmat liggen. Ik trek mijn schoenen uit en neem de post mee naar binnen. Er zit weer een paar enveloppen tussen met mijn naam erop. Ik voel meteen rillingen over mijn rug lopen. Ik heb Steven uiteindelijk nooit meer vertelt over die foto’s. Ik neem de drie enveloppen mee met mijn naam erop en ga op de bank zitten. Ik open één van de enveloppen en zie nog meer foto’s van mij alleen. We waren vorige week naar het strand geweest na mijn werk. Het zijn allemaal bikini foto’s. Mijn hart begint wat sneller te kloppen en ik begrijp gewoon niet waarom dit gebeurd. Het enige wat ik kan denken is dat het Joshua is maar ik heb geen bewijs. Ik open de volgende envelop en hier zie je me op mijn werk en de envelop daarna is dat ik op de fiets zit. Is Joshua dan toch in mijn buurt zonder dat ik het door heb? Mijn mobiel gaat af en ik heb een berichtje van Lyn. Ze vraagt wanneer ik naar haar toe kom en ik laat haar weten dat ik me nu klaar ga maken en dan naar haar toe ga komen. Ik pak de enveloppen met foto’s en leg deze in een boekenkast. Daarna loop ik door naar mijn slaapkamer waar ik me snel even omkleed.
Als ik bij Lyn binnen stap krijg ik meteen een hele dikke knuffel. ‘Ik ben zo blij om je te zien!’ Lyn houd me nog steeds stevig vast. Als ik binnen kom zie ik Roy staan en die loopt ook meteen op me af en geeft me een knuffel. Roy loopt daarna stilletjes door naar de keuken en ik ga met Lyn op de bank zitten. Lyn stelt allemaal vragen over Joshua en Steven. Ze dropt ook gelijk de bom of Steven en ik nu iets samen zijn. Bij die vraag trek ik slechts mijn schouders op. We hebben het namelijk nooit gehad over of we een stel zijn. Lyn vertelt over hoe haar vakantie was en Roy komt halverwege ons gesprek aanzetten met het eten, dat geplaatst word op de eettafel. Lyn en ik staan op en lopen naar de eettafel. Als ik tegenover Lyn zit kijkt ze me ineens heel intens aan. ‘Ik weet niet of ik het je moet vertellen, maar ik wil het zo graag aan je kwijt.’ Ik kijk Lyn vragend aan. Ze steekt haar hand op en laat me een super mooie ring om haar vinger zien. ‘Wacht… wat?!’ Ik spring op van mijn stoel en geef een klein gilletje en spring daarna om de hals van Lyn en daarna die van Roy. ‘Jullie zijn verloofd!’ Ik ga daarna snel weer zitten en krijg de grote lach niet meer van mijn gezicht af. ‘Ik wist niet of het het juiste moment was maar…’