Omdat ik niet verwacht dat iemand bij mij is geef ik zo’n harde gil dat de buren het gehoord moeten hebben, ik kijk om en zie dat David me geschrokken aan kijkt. Ik voel meteen aan mijn schouder, borst en buik. Ik ben zo in paniek dat ik helemaal zit te trillen. ‘Marnie?’ David klinkt bezorgd. Ik weet niet zo goed wat ik moet doen. Ik voel nog steeds de steken, maar ik heb geen daadwerkelijke wonden. David komt naast me zitten en pakt me vast. ‘Je trilt helemaal.’ Zegt hij zachtjes. Tranen vallen stil over mijn wangen. Ik ben zo in shock dat ik gewoon niet meer weet wat ik moet doen, ik merk dat mijn lichaam helemaal aan het trillen is. Ik begin langzaam aan te vertellen wat er zojuist is gebeurd en waarom ik zo schrok toen ik zijn stem hoorde. David kijkt me geschokt aan. ‘Jeetje, wat is dat voor bizarre droom?’ Ik knik. Ik veeg mijn tranen weg en haal even rustig en diep adem. ‘Ik ben bang dat het geen dromen zijn.’ David kijkt me niet begrijpend aan. ‘Ik denk dat het dingen zijn die echt gebeurd zijn in het leven van de persoon die in die cursed box heeft gezeten.’ David weet niet zo goed wat hij moet antwoorden. ‘Heb je geen jaartal gezien of iets?’ Ik schud mijn hoofd. Ik heb daar helemaal geen tijd voor gehad, ik was veel te bang en te oplettend op die man. ‘Misschien moet je dat eens proberen, een datum te vinden. Dan kunnen we er misschien iets over terug vinden.’ Ik knik, dat is misschien wel slim. David staat op en loopt richting de keuken. Terwijl ik nog op de bank zit denk ik na over de “dromen” die ik tot nu toe heb gehad. Er lijkt naar mijn gevoel geen verband te liggen tussen de dromen. De ene keer ben ik mezelf en in deze laatste droom was ik iemand anders. Zijn het dromen uit het verleden en dingen die nog gaan gebeuren? Ik ben helemaal in de war en mijn hoofd duizelt ervan. David komt met twee borden, vol met eten, terug naar de bank toe. ‘Hier eet wat, misschien voel je je dan wat beter.’ Ik knik. Ik neem het bord met eten aan en eet het rustig op terwijl we televisie kijken. Als we klaar zijn met eten kijk ik David aan. Na een paar minuten kijkt David mij ook aan en zodra hij ziet dat ik hem aan staar kijkt hij mij vragend aan. ‘Kunnen we misschien zo toch nog een keer naar mijn huis gaan om te kijken of we dat poppetje kunnen vinden?’ David knikt. ‘Tuurlijk kunnen we dat.’ Ik pak onze bordjes en breng ze naar de keuken waarna ik ze meteen in de vaatwasser leg.
We komen aan bij mij thuis en ik loop meteen naar boven samen met David. Als ik binnen kom is de vieze stinklucht weer aanwezig. Ik sluit de voordeur als we binnen zijn en ik doe de balkondeur open zodat het weer kan door luchten. We lopen meteen naar mijn slaapkamer waar we druk opzoek gaan naar het poppetje. We schuiven het bed aan de kant, we kijken onder kasten en ik kijk zelfs in de laatjes van een kast waar het doosje op staat, maar we kunnen het ene poppetje nergens vinden. ‘Kunnen we niet gewoon nu vast het doosje afsluiten met het ene poppetje erin?’ Ik trek mijn schouders op. ‘Dat lijkt me niet, het zal niet dezelfde werking hebben denk ik.’ David knikt. Ik snap dat hij het wilt proberen, maar op het papiertje staat ook dat je alle objecten terug in de doos moet doen en dan pas mag afsluiten of alles moet verbranden, dan kun je niet het ene deel opsluiten en de rest verbranden. Na overal gekeken te hebben plof ik op mijn bed neer en laat een diepe zucht ontsnappen, ik snap gewoon echt niet waar het stomme poppetje gebleven kan zijn. David komt naast me zitten en hij kijkt mij aan. ‘Ik had gewild dat we het poppetje hadden gevonden, we hadden die doos ook nooit open moeten maken dat was zo dom van ons.’ Zegt hij. Ik trek mijn schouders op. Het was inderdaad heel dom van ons, maar eerlijk gezegd had ik nooit verwacht dat het echt zou zijn. Als we elkaar nog steeds aan kijken denk ik terug aan de snelle kus die hij mij eerder gaf, ik ben toch wel benieuwd waar dit vandaan kwam. ‘Zeg…’ Ik blijf even stil en zie dat David me vragend aan kijkt. ‘Die kus van eerder…’ David kijkt snel van me weg en kijkt voor zich uit. ‘Ik… euh… Ja, ik weet niet zo goed waar dat vandaan kwam.’ Zegt hij. Ik knik. ‘Je bent mijn beste vriend en ik heb je eerlijk gezegd nooit anders gezien als dat.’ David knikt. ‘Dat begrijp ik. Ik weet ook echt niet waar het vandaan kwam, sorry als het je ongemakkelijk heeft gemaakt.’ Ik trek mijn schouders op. ‘Dat niet zo zeer, ik weet gewoon niet zo goed wat ik ermee moet.’ Hij knikt weer. ‘Begrijp ik.’ We blijven nog even stil naast elkaar zitten. Niet veel later besluiten we maar dat het tijd is om weer teug naar zijn huis te gaan, alhoewel ik me afvraag of dat echt nog verschil maakt. De dromen blijven komen. Maar het feit dat ik iemand om me heen heb die me een soort van veilig kan houden vind ik wel fijn.
Als we bij David’s huis aankomen laten we eerst Maikey samen uit en daarna gaat hij onder de douche staan en ik kleed me uit, tot aan mijn ondergoed, in zijn slaapkamer. Ik sta voor een spiegel die hij in de slaapkamer heeft staan en bekijk de plekken waar de mes steken in mijn lichaam terecht zijn gekomen. Ik zie niets, maar het lijkt wel alsof ik het nog steeds kan voelen. Als de deur open gaat schrik ik even en David kijkt mij even geschrokken aan. ‘Ooh! S-s-sorry!’ Hij draait zich meteen om en ik pak snel de pyjama die ik op bed heb liggen en trek deze aan. ‘Nee, sorry mijn fout.’ Als ik me heb omgekleed geef ik aan dat hij zich kan omdraaien. David krabbelt wat ongemakkelijk over zijn hoofd en ik voel dat ik een gekleurd gezicht krijg. Er hangt een bepaalde spanning tussen ons, ik weet ook niet zo zeer of het iets slechts is of dat het komt door zojuist. We stappen beide in bed en doen ieder ons ding, niet veel later knippen we het licht uit en besluiten we om te gaan slapen.